KVK 73792640

BTW NL002164220B81
IBAN NL08TRIO0379619288

Algemene voorwaarden

Privacyverklaring


© 2020 Artistiek Bureau

  • Nick

Bij de presentatie van de nieuwe verhalenbundel De zoete inval (2020) van L.H. Wiener, afgelopen zondag in café Sligting, kreeg de jarige schrijver ook een cadeau. Theo Rabou, Wieners vriend uit Vught, verraste alle aanwezigen met het boek Schrijven heeft geen enkele zin, maar niet schrijven is erger (2020).


Het is een visuele bibliografie van L.H. Wiener: van bijna alle reguliere en bibliofiele uitgaven van Wiener zijn voor- en achterkant afgebeeld. Achter in deze geschenkdruk heeft Rabou bovendien alle Wieners uitvoerig beschreven. Van elke druk heeft Rabou ook de maand van verschijnen achterhaald en hij vermeldt heel precies wanneer een uitgave in verschillende omslagen is verschenen. Ik weet nu precies wat ik mis.


Ik wilde in mijn exemplaar van de bibliografie, nummer 6 van de 75, graag een handtekening van Wiener. Hij schreef er een schitterende opdracht bij - 'de mooiste van deze middag, ik weet niet waar ik het opeens vandaan haal'. Enkele seconden daarvoor maakte Coen Peppelenbos deze foto. (Wiener en ik hebben dezelfde kapper.)



Schrijven heeft geen enkele zin, maar niet schrijven is erger is uitsluitend te koop bij antiquariaat Hinderickx & Winderickx.

  • Nick

Op vrijdag 24 januari jongstleden werd in Leiden een geleerd boek gepresenteerd. Vier sprekers vertelden kort over verschillende aspecten van spotcatalogi van niet-bestaande boeken. Anton van der Lem, vertrekkend conservator van de Universiteitsbibliotheek Leiden, kreeg daarna het eerste exemplaar in handen van Early Modern Catalogues of Imaginary Books (2020). In deze bloemlezing worden verschillende in de zestiende of zeventiende eeuw gedrukte catalogi van niet-bestaande boeken en/of niet-bestaande bibliotheken besproken.


Ik kende het genre van de fictieve catalogus niet, tot ik in 2015 met Freek Heijbroek in de Utrechtse galerie van Niek Waterbolk belandde, omdat Niek eindelijk had ingestemd met een interview voor De Boekenwereld. Achter in zijn zaak stond een vitrine, op de bovenste glasplaat lagen vijf of zes zeldzame voorbeelden van fictieve catalogi. Omdat dit soort drukwerk zelden in de handel komt, groeide zijn verzameling langzamer dan Niek wenste.


Van de fictieve catalogus is het maar een kleine stap (terug) naar de fictieve boekenkast. Ik doel nu niet op hotellobby's met sfeerverhogende boekenplanken van anderhalve centimeter diep waarop honderden ruggen zijn geplakt. Nee, boekenkasten in romans en verzamelingen van personages.


Voor een aanstaande catalogus las ik de zeldzame roman 69 + 1. James Klont (1966) van Freddy de Vree, alias Jan Vlaming. Lezen is hier natuurlijk: bladeren en hier en daar een alinea meepakken. In dit uiterst melige boek belandt het personage Fuckmi Warm in het appartement van Renaat Oo. Ze krijgt een glas whisky en mag even rondkijken.


Goedkeurend streelde ze haar geliefkoosde meesterwerken, Le Cid, van Jarry, De hondertwintig dagen van Sodoma, door Frans de Bruyn, De Leeuw van Vlaanderen en elders, door Walter Soethoudt, Het leven van de heilige Antonius, in achttien delen, vertaald door Gust Gils, René Gysen, Freddy de Vree en Claude Krijgelmans, Donderbal, door Jean-Paul Sartre, De Valsaard, van Strijn Streuvels, Ifigenie in de Taunus, van Wolfgang de Goede, Adam in bevallingschap, van Jonathan Swift, Liefde zonder vrees, door Simon Vinkenoog, en Denken en het toch niet weten, van Leopold de Vlam.

Deze roman is op elk niveau een parodie. James Bond, pikante lectuur, provo, het wordt door deze Vlaming allemaal belachelijk gemaakt. De verzonnen boektitels zijn een grap, er komen schilderijen voorbij met merkwaardige titels ('Naakte kelner met zijn enige vinger in de pan roerend' van Salvador Dalida, 'Twaalfvingerendarm' van Jackson Pollock), en populaire liedjes zijn 'Het was een nacht zwaar kloten' van De Kevers en 'Zarathustra rides again' van The Nietzsches.

  • Nick

Hoewel ik alle dichtbundels van Menno Wigman wel in huis heb, de meeste in veelvoud, haastte ik mij gisteren naar de boekhandel om zijn Verzamelde gedichten (2019) aan te schaffen. Samenstellers Rob Schouten en Neeltje Maria Min namen na Wigmans 'vijf voldragen bundels' namelijk nog 'enig nagelaten werk' op. In deze afdeling stopten zij zowel gedichten die bij leven van de dichter verspreid werden gepubliceerd, maar niet in reguliere bundels werden opgenomen, als enkele daadwerkelijk nagelaten gedichten die op de computer van de op 1 februari 2018 overleden dichter werden aangetroffen.


Die computer staat overigens op de foto die Maarten Kools in 2010 van Menno Wigman maakte, die vormgever Suzan Beijer nu voor het omslag heeft gebruikt. Wigman, in zijn zwarte pak aan zijn schrijftafel in Amsterdamse Schoolstijl, waarop zijn zwarte kat Kaspar zit. Zwarte lamp, zwarte telefoon, zwart beeldscherm. In een zwart lijstje aan de wand zit een origineel handschrift van Erich Wichmann. 'Stem niet, lees Goethe.'


Die paar niet eerder gepubliceerde verzen van de beste, de grootste dichter van deze tijd rechtvaardigen deze uitgave al.


Het staat nergens in het nawoord van Schouten en Min, maar Wigmans Verzamelde gedichten is een Ausgabe letzter Hand, een ultima manus-editie. In de afdeling 'Nagelaten gedichten' zijn verzen in de laatste, meest voltooide versie opgenomen. Hieraan vooraf gaat de inhoud van die vijf dichtbundels, 'op de wijze en in de volgorde zoals ze daarin staan'.


De wereld bij avond (2006), dat Wigman op verzoek van Poetry International schreef, behoort niet tot de 'voldragen bundels'. De dichtbundel bevat tien verzen, die werden opgenomen in de reguliere bundel Mijn naam is Legioen (2012). Op één na. Het gedicht 'Strafwerk' liet Wigman weg. Het staat zodoende ook niet in Verzamelde gedichten.


'Strafwerk' is een van de weinige gedichten waaraan Menno Wigman na publicatie bleef sleutelen. Het was af, maar nog niet goed. Of het was goed, maar nog niet af.


In een nieuwe gedaante duikt 'Strafwerk' weer op in Slordig met geluk (2016), de laatste reguliere bundel die bij leven van de dichter verscheen. Nu heet het 'Een halve eeuwigheid'. Een nieuwe titel, de tweede strofe ernstig herzien, 'defaitist' moest 'miserabilist' worden, zelfs de geniale combinatie 'meisjesdijen' en 'revolutie verspreidden' verdween. Is dit de laatste versie van hetzelfde vers of is het een ander gedicht?

Strafwerk


Allemaal gedaan, je hebt het allemaal gedaan:

verregend in de rij gestaan, schrift na schrift

met tekst bedekt, je hoofd met breuken

afgemat, plees bekrast en passers stukgesmeten.

Strafregels, riep ik, waarom strafregels?


Goed dan. Er was wat hasj, de roes van rood

herinnerde schoolfeesten, meisjesdijen

die een revolutie verspreidden, zo vreemd

en ijl dat je steeds heser ging schrijven.

Strafregels, riep ik, waarom strafregels?


Je kwam, heel goed, naar Amsterdam

(en Amsterdam lag open als een vrouw)

en alles wat je schreef werd een gedicht.

Onzin. Dagdroom van een defaitist.

Strafregels, dacht ik, waarom strafregels?


Het jaar is jong en straks zit je een leven lang

te schrijven hoe je leeft (en ik wil niet

dat het aan het eind van deze zin regent.

En ik pen door tot hier wat licht doorbreekt.)

Strafregels, riep ik, waarom strafregels?


Een halve eeuwigheid


Allemaal gedaan, je hebt het allemaal gedaan:

verregend in de rij gestaan, schrift na schrift

met tekst bedekt, je hoofd met breuken

afgemat, plees bekrast en passers stukgesmeten.

Strafregels, riep ik, waarom strafregels?


Later. Er was wat hasj, de roes van rood

herinnerde schoolfeesten, mooie zieke meisjes

die je schipbreuk lieten lijden in hun dijen,

zo wild dat je steeds weker ging schrijven.

Strafregels, dacht ik. Toch weer strafregels.


Leeg en verlicht kwam je naar Amsterdam

(en Amsterdam lag open als een vrouw)

en alles wat je schreef werd een gedicht.

Onzin. Dagdroom van een miserabilist.

Strafregels, wist ik. Eeuwig strafregels.


Het jaar is jong en straks zit je een leven lang

te schrijven hoe je leeft (en ik wil niet

dat het aan het eind van deze zin regent.

En ik pen door tot hier wat licht doorbreekt.)

Strafregels. Waarom. Steeds. Die. Straf–