M. Vasalis  Parken en woestijnen. Gedichten.

 

Den Haag: A.A.M. Stols, 1941. 196 x 121 mm. Heellinnen. 32 p. Gedrukt in een oplage van 1000 exemplaren. Vijfde druk. Rug iets gesleten.

 

Opdracht van Paul Huf sr. aan Gerda Siemer in groene inkt op de titelpagina: ‘Voor Gerda met Paschen 1946 | laten illustreeren | door Bantzinger’.

 

In dit exemplaar maakte C.A.B. Bantzinger in opdracht van Paul Huf sr. vier originele, gesigneerde inkt- en waterverftekeningen.

 

Tegenover het gedicht ‘Drank, de onberekenbare’ staat een paginagrote illustratie van een damesfiguur met geheven armen, verwijzend naar de regels ‘Niemand weet, hoe vreeslijk wild | ik met los haar loop te rennen!’. De andere, met een fijn pennetje getekende en subtiel gekleurde illustraties staan bij de verzen ‘De idioot in het bad’, ‘De onbekende van de Amstel’ en ‘Kind in het licht’.

 

Onder de Bibliographische Aanteekening op pagina 29 schreef Bantzinger in zwarte inkt: ‘met 4 illustraties door CABBantzinger | april ‘46’.

 

Vanaf 1942 illustreerde Cees Bantzinger tegen betaling exemplaren van de dichtbundel Parken en woestijnen. Met een gedrukt kaartje, dat in latere drukken van de bundel was gelegd, maakte hij hiervoor reclame. Ook Willem Frederik Hermans maakte waarschijnlijk van de mogelijkheid gebruik. In Mandarijnen op zwavelzuur (VW 16, 2016) herinnerde hij zich: ‘Je kon het boekje uit de hand laten illustreren door C.A.B. Bantzinger, toen nog niet van Elsevier’s Weekblad…’

 

Er zijn nog vijf, misschien zes, door Bantzinger met pentekeningen of aquarellen verrijkte exemplaren van Parken en woestijnen bekend. Over het exemplaar van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde schreef Anton van der Lem een blog.

 

Van Dijk 490 d.

Parken en woestijnen door Bantzinger geïllustreerd

€ 0,00Prijs